Golden Girls

0
208
Donkerblauw blokje

“Een Breakfast for Champions”, zegt mijn man terwijl hij een bord met twee broodjes en gebakken eieren met spek voor me op tafel zet. Het zonnetje laat zich zo vroeg in de ochtend al een beetje zien. Het belooft een mooie dag te worden. Het is 4 mei 2024. Vandaag is onze eerste wedstrijd als Baseball for the Blind (B4B) team van de Moorfielders uit Ede. Zelf heeft mijn man gisteren vlug nog een trainingspak gekocht. Want ook hij zal ons voortaan coachen en begeleiden.

Het wordt een thuiswedstrijd tegen de Flying Foxes uit Limburg. We zijn al vroeg op het honkbalveld en treffen daar een heel zenuwachtige hoofdcoach aan. Het is duidelijk dat hij er heel veel zin in heeft, maar ook probeert honderd dingen tegelijk te regelen en in goede banen te leiden. Terwijl mijn man hem en de andere coaches gaat helpen, sla ik vast wat ballen in tegen het hek. Tot ook de andere meiden binnendruppelen.
De warming up doen we zelfstandig met z’n allen. Daar hebben wij toch helemaal geen mannen voor nodig. We kunnen het zelf wel. Daarmee geven we ook gelijk onze handtekening af aan de tegenpartij. We don’t need no thought control…

Dan, na het praatje van onze lieve pater familias, tevens voorzitter van de Moorfielders, en van de Edese wethouder Peter de Pater, is het zover. De wedstrijd begint. Wij starten in het veld, de tegenpartij aan slag. In het begin is het een grote chaos van geluidssignalen en mensen die woorden roepen. De spelers zijn immers allemaal geblindeerd. We moeten het dus hebben van wat we horen. Langzaam ontstaat er voor mij orde in de talloze geluiden. Er zit structuur in dat wat er op welk moment te horen is en wat er wanneer geroepen wordt. Het allermoeilijkste moment voor mij in het veld is het moment dat als de bal over de fair line komt, een scheidsrechter vrij dichtbij heel hard “FAIR!” of “OKE!” roept. Dit is om aan de renners op de honken door te geven dat de bal goed geslagen is en zij mogen gaan rennen. Het is ook het moment dat de mensen in het veld de rinkelbal mogen gaan pakken. Maar door die harde schreeuw van de scheidsrechter verlies ik op dat cruciale moment even mijn auditieve contact met de rinkelende bal en ben ik hem regelmatig kwijt. Dat is best frustrerend!

Als de teams wisselen en wij aan slag zijn, doen we het best goed! Mijn allereerste bal die ik ooit in een wedstrijd sla, gaat gelijk over de fair line. Zo. Hier ben ik dan. Wen er maar aan! Mijn geweldige, twintig jaar jongere pinch runner, die voor mij in de plaats rent, haalt het honk op een haar na niet. Als ik in de tweede ronde weer mag slaan, sla ik eerst twee foutballen. Maar de derde is de mooiste van mijn dag. Ik voel het gelijk. De bal komt perfect op de knuppel terecht. Deze kan niet anders dan goed zijn. Helaas is het weer nét niet genoeg. Mijn pinch runner zweeft boven het honk als ze wordt uitgetikt. Wel haalt de renner op honk twee het derde op tijd. En ik heb er vertrouwen in dat we het de volgende keer wél gaan halen!

Als na de lunch de tweede wedstrijd begint, voel ik dat de man met de hamer heeft toegeslagen. De eerste wedstrijd was al zo intens geweest! Ook het slaapgebrek eist zijn tol. Ik sla geen ballen meer raak en ben blij dat ik in de laatste ronde niet meer hoef te fielden. Mijn meisjes doen het dan echter nog supergoed. Ik geniet er enorm van. Soms emotioneert het me. Wat een geluksmomenten.

Dat we zouden gaan verliezen hadden we vooraf ingecalculeerd. De Flying Foxes zijn al een stuk langer bezig dan wij en hebben zelfs al op een WK en een EK gespeeld. Voor ons werd het onze allereerste wedstrijd ooit.

Maar we gingen niet roemloos ten onder. We werden niet compleet weggevaagd. Het werd geen puntenregen voor de tegenpartij. We hielden dapper stand. We sloegen verschillende ballen over de fair line. En gooiden verscheidene keren op adembenemende wijze renners van de tegenpartij uit. Soms zelfs meerdere tegelijk. We lieten zien dat we niet voor één gat te vangen zijn.

Ik voel me trots en heel gelukkig onderdeel te mogen zijn van een team vol sterke, eigengereide, autonome vrouwen. En het is onze kracht dat we dat vervolgens kunnen bundelen in een geweldige team spirit. En we weten nu wat de bedoeling is en hoe zo’n wedstrijd precies gaat. We weten nu wat ons te doen staat en waar we verder op kunnen trainen. Het is duidelijk dat ons groeipotentieel nog lang niet ten einde is.

The best has yet to come.